Bosnische Oorlog

Door Roderick Veelo

De burgeroorlog in Bosnië-Herzegovina (1992-1995) brak uit als gevolg van het uiteenvallen van Joegoslavië. De Bosnische regering schreef voor 29 februari en 1 maart 1992 een referendum uit of de Joegoslavische deelrepubliek onafhankelijk moest worden. De Bosnische Serviërs boycotten het referendum; de Bosnische Kroaten en Bosnische Moslims kozen in meerderheid voor onafhankelijkheid. Daarop riepen de Bosnische Serviërs op 7 april 1992, binnen de grenzen van Bosnië-Herzegovina, een eigen staat uit: de Republika Srpska.

De drie etnische groepen hadden inmiddels hun eigen legertjes en lokale milities gevormd, waarbij de Bosnische Kroaten ondersteund werden door Kroatië en de Bosnische Serviërs door het door Serviërs gedomineerde leger van federaal Joegoslavië. Vanaf het referendum escaleerde de situatie snel. Er braken op verschillende plekken gevechten uit, in eerste instantie tussen Bosnische Serviërs en Bosnische Moslims, maar later tussen alle bevolkingsgroepen onderling.

Vanaf 2 mei 1992 lag de hoofdstad Sarajevo onder vuur van Servische troepen vanuit de bergen rondom de stad. Drie jaar lang is er in Bosnië-Herzegovina gevochten om elke vierkante meter. De toegeëigende gebieden werden veelal op zeer gewelddadige wijze ontdaan van mensen die niet tot de eigen etnische groep behoorden. Een proces dat bekend werd als ‘etnische zuiveringen’ en dat voor de verdrevenen eindigde in massagraven, concentratiekampen of – met meer geluk – in een vluchtelingenkamp. In de drie oorlogsjaren zijn er 328.000 mensen in Bosnië om het leven gekomen of verdwenen. De Bosnische burgeroorlog staat bekend als het meest gewelddadige conflict in Europa na de Tweede Wereldoorlog.

Onderhandelingspogingen en de bestraffende toon van Europese politici richting de Bosnische politici en militairen maakten geen indruk op de strijdende partijen. En het oorlogsgeweld, de etnische zuiveringen en de moordpartijen op gewone burgers waren voor Europese leiders geen reden om daadkrachtig militair in te grijpen. Zo kon de burgeroorlog drie lange jaren duren.

Onderhandelingstafel
Op 5 februari 1994 kwam er een mortiergranaat terecht op een markt in Sarajevo. Daarbij werden 68 mensen gedood en raakten 200 mensen gewond. Het bloedbad op de markt was voor de NAVO de aanleiding om vanuit de lucht de Servische stellingen rond Sarajevo te bombarderen. Dit dwong de Bosnische Serviërs tot het beëindigen van de gewapende strijd en bracht de strijdende partijen aan de onderhandelingstafel in het Amerikaanse Dayton.

Die onderhandelingen resulteerden in september 1995 in een staakt-het-vuren en uiteindelijk in het vredesverdrag van Dayton. In dat verdrag is onder meer overeengekomen, dat Bosnië-Herzegovina een onafhankelijke natie is, bestaande uit twee deelgebieden: een federatie van moslims en Kroaten en de Republika Srpska.

Meer over oorlog en vrede in Bosnië-Herzegovina:
http://bosnie-geschiedenis.startpagina.nl